Werkers in de Hof van Eden
Zoals ik af en toe al vertelde wordt er hard gewerkt om de tuin hier op de voorstellingen van Genet (paradijs) te laten lijken. Een paradijs met dolfijnen en een chagrijnige kijkende zeemeermin. Prachtige fonteinen.Speel toestellen die nooit uitgepakt zijn, een glijbaan die al verroest is. Maar helaas in dit hete paradijs geen zwembad, zelfs geen pierebadje. Ze gokken hier ook op westerlingen maar die willen wel zwemmen. Ik vind het wel een interessant punt om aan te kaarten. De Tigris stroomt voor langs en tot gisteren was het ook een grote plastic rotzooi op de oever. Ik heb de sjeik erop aangesproken en hij zag het…met het gevolg dat het er nu al een stuk beter uit ziet. Een klein bestel autotootje vuilnis is er weggehaald en nog is het niet helemaal schoon. De ontwerper van de fonteinen in deze tuin komt met zijn hele ploeg uit Bagdad. Hij heeft dit vak van zijn vader geleerd en die had het weer geleerd van zijn vader. Trouwens hier in het hof van Eden werkt geen enkele vrouw. Vorige week waren er voor drie dagen professoren uit Bagdad die voor examens naar de universiteit van Al-Amara kwamen. Dat waren ook vrouwen bij. Waarom noem ik dat zo. Wel om eerlijk te zijn ik wordt een beetje opstandig. De dress code gaat me benauwen. En de hele dag alleen maar mannen. Mannen die de ramen wassen. Mannen die je thee komen brengen. Mannen in lange witte jurken die achter gesloten deuren zitten. Mannen die het onkruid wieden, mannen die dolfijnen schilderen. Mannen die het ontbijt serveren. En ga maar door….Mannen die heel vriendelijk de hele dag door zeggen: “Good morning Madam” en mannen die me op kantoor het woordje “adebitsch” (fonetisch) willen leren en dat betekent stap voor stap
.
